Evang. J. Krijgsman - Handelingen 10 : 44

De gave van de Geest

De aanleiding tot die preek
De aandrang in die preek
De gave door die preek
Dit is een samenvatting van een toespraak die op de evangelisatiepost te Amsterdam gehouden is.

Zeer geschikt als openingswoord of als meditatie.

Handelingen 10 : 44

Handelingen 10
44
Als Petrus nog deze woorden sprak, viel de Heilige Geest op allen, die het Woord hoorden.

Delen & Download

Download preek

Meditatie

Opzienbarende preken, ze zijn er genoeg. Misschien herinner je je er wel een. Je vergeet hem nooit. Vanmorgen gaan we ook naar een opzienbarende preek luisteren. Deze preek heeft een bijzondere uitwerking: de gave van de Heilige Geest.

 

We verdelen de toespraak in drieën:

  1. de aanleiding tot die preek;
  2. de aandrang in die preek;
  3. de gave door die preek.

 

  1. De aanleiding tot die preek

Het was de apostel Petrus die deze preek hield in het huis van Cornelius, een Romeinse officier in Cesaréa, een plaats aan de Middellandse Zee. Cornelius was in die plaats met zijn soldaten om de rust te bewaren. Cornelius was een heiden – voor de Joden een onreine.

Het bijzondere van deze Romeinse officier was dat hij God kende. Het was niet alleen een kennen omdat hij geloofde dat God bestond. Dat doen (gelukkig) vandaag de dag nog duizenden mensen in ons land. Voor velen ben je dan al een ‘gelovige’. Het Bijbelse geloof is genuanceerder. Het kennen van Cornelius was een kennen van God met zijn hart. Dat is een omgangskennis.

Dat geloof kent ook gevolgen. Kijk maar bij Cornelius. Hij bad steeds tot God en gaf giften voor allerlei mensen (Hand.10:2,22).

Hier heb je wat ijkpunten van het Bijbelse geloof. Het is goed om dat te weten. Je kunt jezelf de vraag stellen of jij ook zo’n geloof hebt als Cornelius.

 

Hoe Petrus en Cornelius elkaar ontmoet hebben, is bijzonder. Kort hier iets over.

Petrus is te gast bij Simon de leerlooier in Joppe, het huidige Jaffa., ongeveer 50 kilometer van Cesaréa. Even tussendoor: de naam van onze evangelisatiepost is naar deze Simon de Leerlooier vernoemd.

Terwijl Petrus daar is, krijgt Cornelius in Cesaréa om drie uur ‘s middags een verschijning van een engel. Deze vertelt hem dat hij Petrus tot zich moet roepen. Petrus zal vertellen wat Cornelius moet doen (Hand.10:3-6). Hij stuurt drie mannen naar Petrus om hem te halen.

De andere dag is Petrus op het dak van het huis aan het bidden. Het is twaalf uur. Naar de gewoonte van die tijd hadden de Joden vaste gebedstijden: ’s morgens, ’s middags en ‘s avonds (Ps.55:18; Dan.6:11). Terwijl Petrus in gebed is, krijgt hij een visioen. Uit de hemel komt een soort laken. Daarop bevinden zich alle lopende en kruipende dieren van de aarde. Ook alle vogels van de hemel ziet Petrus op dat laken. Petrus krijgt de opdracht om de dieren te slachten en te eten. Petrus weigert dit, omdat hij nooit iets gegeten heeft dat verwerpelijk of onrein is. Tot drie keer toe krijgt Petrus de opdracht om te slachten en te eten. Daarna wordt het laken weer de hemel ingetrokken (Hand.10:10-16).

 

Terwijl Petrus zich afvraagt wat dit betekent, komen er drie mannen aan de deur te Joppe. Het zijn de drie mannen die Cornelius heeft gestuurd. Ze maken Petrus duidelijk waarom ze gekomen zijn. Petrus krijgt van de Geest de opdracht om met hen mee te gaan.

De andere dag gaat Petrus met hen mee naar Cornelius (Hand.10:22-23). De ontmoeting tussen Petrus en Cornelius is ontroerend. De puzzelstukjes vallen in elkaar (Hand.10:24-33). Petrus kan beginnen aan z’n opdracht om te preken, zelfs aan Cornelius, de heiden, een onreine voor een Jood.

Het Woord moet de wereld in. Petrus mag niemand uitsluiten als hij het evangelie preekt. Het visioen met dat laken met al die onreine dieren erin heeft hem dat geleerd.

 

  1. De aandrang in die preek

Als je de preek van Petrus leest, kom je onder de indruk. De preek telt slechts tien verzen. Petrus heeft het niet over zijn bekering of de bekering van Cornelius; dat heeft Jezus hem niet opgedragen. Petrus verkondigt Christus in het huis van Cornelius. Wel twaalf maal noemt Petrus in die korte preek de Heere Jezus. Het is één aandrang om Hem te verkondigen, Hem begeerlijk te maken.

Petrus begint met te zeggen dat God geen onderscheid maakt tussen personen. Het goede nieuws over Christus is voor iedereen. Geen enkele barrière zoals taal, cultuur of vooroordeel mag een verhindering zijn voor het evangelie.

Jezus van Nazareth is van God gezalfd. Hij is door God de Vader bekwaam gemaakt om Verlosser te zijn. God heeft Hem vervuld met de Heilige Geest. Hij is het land doorgetrokken om goed te doen. Hij heeft mensen genezen die van de duivel bezeten waren. God was met Hem.

Petrus is getuige geweest van alles wat Jezus gedaan heeft. Een betere getuige kun je niet hebben. Wat heb je aan een voorganger die als een blinde over kleuren spreekt?

 

Vanuit Jezus’ dagelijks ‘werk’ komt Petrus bij Jezus’ kruis. Deze Weldoener hebben ze aan het kruis gehangen. Hij líet Zich aan het kruis hangen, uit liefde tot verloren zondaren, om hen te redden door in hun plaats te sterven voor hun zonden.

Petrus’ preek gaat dus over zonde én genade, over schuld en vergeving. Je kunt nooit over het kruis spreken zonder op zonde en schuld te wijzen. Wat moet je anders met het kruis?

Petrus spreekt ook over de opwekking van Jezus uit de dood. Dat is geen fabeltje. Jezus is na Zijn opstanding verschenen aan veel mensen. Hij is niet aan álle mensen na Zijn opstanding verschenen, wel aan hen aan wie Hij Zich wilde laten zien, aan Zijn getuigen. Ook Petrus is getuige geweest van Zijn opstanding. Hij heeft na Zijn opstanding met Hem gegeten en gedronken. Jezus heeft Petrus en anderen geboden dit nieuws over Hem aan iedereen bekend te maken.

Jezus is Degene Die door God is verordineerd (aangesteld) tot een Rechter van levenden en doden.

 

Voel je de aandrang in deze woorden van Petrus? Petrus betrekt in zijn preek het oordeel van God over onze zonden. Zo moet er gepreekt worden, ook vandaag.

Jezus is Rechter. De zonden zullen gestraft worden als ze niet zijn vergeven. Vandaar dat Petrus ook de weg aanwijst om vergeving te krijgen. Dat is het geloof in de Heere Jezus. ’t Is net of Petrus wil zeggen: kom, geloof in Hem.

 

  1. De gave door die preek

Als je goed leest, merk je dat Petrus’ preek na deze woorden onderbroken wordt. De Heilige Geest komt plotseling op allen die op dat moment het Woord horen. De Heilige Geest maakt als het ware de preek van Petrus af. Hij gebruikt de preek van Petrus en raakt de mensen aan en vervult hen. Het is een kleine herhaling van Pinksteren. Ook hier spreken de vervulden met de Heilige Geest in vreemde talen, met vreemde tongen. Ze maken God groot.

 

Wat is dat bijzonder als een toespraak zo wordt onderbroken. Dan moet en mag de voorganger zwijgen. Dan eindigen we samen in God en maken we Hem groot. Dat is iets wat we niet kunnen organiseren. We kunnen van alles in een samenkomst erbij halen, preken en liturgie aanpassen, tot aan drama en film in een samenkomst toe. Maar de Heilige Geest laat Zich niet dwingen door van alles wat wij uit de kast halen.

We kunnen en mogen wel om de Heilige Geest bidden. Hij heeft beloofd dat wie naar Hem vraagt, verhoord zal worden (Matth.7:7-11).

De Heilige Geest wil daar zijn waar het woord overeenkomstig het Woord wordt gepreekt, waar mensen op hun zonden gewezen worden, waar mensen ook op Jezus, de Verlosser van de zonden, worden gewezen.

Kijk maar naar deze preek van Petrus. Die preek was vol van Christus en zo wil Hij mensen vervullen, mensen tot bekering en geloof brengen. De Heilige Geest is er altijd op uit om Christus te verheerlijken.

 

Waar water is, daar is het nat en waar het nat is, daar is water; dat hoort bij elkaar. Zo is het met Christus en de Heilige Geest. Christus komt nooit zonder de Heilige Geest en de Heilige Geest komt nooit zonder Christus. Dat is een ‘heilige tweeling’. Christus zorgt voor het water, de stromen van de Heilige Geest. De Heilige Geest zorgt ervoor dat Christus verheerlijkt wordt. Daar komen ‘stromen’ van blijdschap.

Kijk maar in het huis van Cornelius. De Heilige Geest vervulde al die mensen die het Woord hoorden. De Heilige Geest voegde de daad bij het Woord. Het Woord dat er verkondigd werd, was vol van Christus. Daar kan de Heilige Geest niet achterblijven. Dan worden mensen aangeraakt door Hem. Dat betekent dat ze ‘zicht’ krijgen op zonde en genade, op schuld en vergeving. Dat betekent vooral dat ze zicht krijgen op de Heere Jezus, dat Hij meer en meer alles voor hen wordt, dat niet zij wat worden met hun bekering en geloof, maar dat Hij alles wordt. Niet ik word ‘groter’, maar Hij.

 

Ben jij net als Cornelius? Bid jij steeds tot God met grote verwachting dat Hij wil en kan verhoren? Of voel je je lusteloos? Heb je er geen zin in?

Dat kan ik begrijpen. Zo zijn we uit onszelf. Toch zegt de Heere: Ik zal water gieten op de dorstigen, en stromen op het droge (Jes.44:3). Leg in al je behoefteloosheid bij die tekst je vinger. Hij komt door Zijn Heilige Geest Zijn Woord altijd na.

Amen.