Ds. W.A. Zondag - 2 Samuël 24 : 14

Afspelen

In Gods handen

11-3-2020
Erkenning van schuld
Onderwerping aan straf
Verwachting van genade
Liturgie:
Gebed des Heeren: 6 t/m 8
Geloofsbelijdenis Nicea
Gebed des Heeren: 9, 10
Lezen: 2 Sam. 24
Psalm 106: 3, 4, 24, 25
Psalm 51: 1, 2
Psalm 103: 5, 6

Leestip:
Psalm 51 (boetpsalm David)
Psalm 103 (barmhartigheden Gods)
Daniël 9 (smeekgebed Daniël)

Citaat:
‘David heeft met die eigenaardige mengeling van ootmoed en vrijmoedigheid, die eigen is aan de waarachtige godsvrucht, een uitweg gevonden: hij legt de beslissing in Gods eigen handen’.
Dr. C. J. Goslinga, 1956.

Gespreksvragen:
1. Wie stookt David nu op om het volk te tellen? In 2 Sam. 24:1 lijkt het of de Heere dat doet: ‘Hij porde David aan tegen henlieden, zeggende: Ga, tel Israël en Juda’. Maar de Heere zet toch niet aan tot het doen van zonde? Zie Jak. 1:13. En staat het voorgaande niet haaks op wat wij lezen in 1 Kron. 21:1, waarin wordt gezegd dat satan David ‘porde’?
2. Waarom was het tellen van het volk zondig? De Heere had toch eerder ook opgedragen het volk te tellen? Zie Num. 1: 26.
3. David krijgt drie straffen voorgelegd. Hij mag een keuze maken. Waarom laat de Heere hem kiezen? En wat bedoelt David als hij zegt liever in de handen van de Heere te vallen?
4. David trekt de schuld geheel naar zichzelf toe en acht het volk van Israël onschuldig (‘wat hebben deze schapen gedaan?’, vs. 17). Matthew Henry schrijft hierover: ‘maar zoals het een boetvaardige betaamt, is hij streng ten opzichte van zijn eigen schuld, terwijl hij die van hen verzacht en verkleint’.
Herkent u dat in uw eigen leven?
5. Wat valt op als het gaat om Davids houding ten aanzien van Gods kastijdende hand? Herkent u Gods kastijdingen en hoe gaat u hiermee om?
6. Hoe moeten wij vers 16 lezen: ‘toen nu de engel zijn hand uitstrekte over Jeruzalem om haar te verderven, berouwde het den HEERE over dat kwaad’? God kan toch geen spijt krijgen van Zijn eigen besluit en handelen?
7. Wat is de functie van de offers die David brengt op de dorsvloer van Arouna? Wat is de relatie met Christus?
8. Wat kunnen wij leren van de geschiedenis op deze biddag waarbij er sprake is van een ernstige ziekte (het coronavirus) dat veel slachtoffers maakt? Hoe moet onze houding hierin zijn?
9. Welke zaken wilt u op biddag in het bijzonder aan de Heere voorleggen? Heeft u dat al gedaan?

Voor de jongste kinderen:
1. Waarom was de Heere vertoornd op David? Antwoord: hij had het volk laten …………………. En dat was de zonde van h…………………………
2. Hoe was de naam van de profeet die tot David kwam?
Antwoord: a) Jeremia, b) Jesaja, c) Gad.
3. Waarom stopte de verderfengel bij Jeruzalem? Antwoord: a) hij had geen tijd meer, b) hij deed dat liever niet, c) daar stond de ark des verbonds.
4. Op welke dorsvloer brengt David offers? Antwoord: op de dorsvloer van A…………..
5. Welke dingen heb jij vandaag op biddag aan de Heere gevraagd? Verwacht jij ook dat de Heere het aan je zal geven? Waarom wel of waarom niet?

2 Samuël 24 : 14

2 Samuël 24
14
Toen zeide David tot Gad: Mij is zeer bange; laat ons toch in de hand des HEEREN vallen, want Zijn barmhartigheden zijn vele, maar laat mij in de hand van mensen niet vallen.

Delen & Download

Download preek