Ds. G.J. Baan - Handelingen 20 : 32 - 38

Afspelen

Paulus' afscheid

9-9-2018
Spreekt van verwachting (vers 32)
Spreekt van vlijt (vers 33-35)
Spreekt van vernedering (vers 36)
Spreekt van verdriet (vers 37 en 38)
Deel 10 van de 3e zendingsreis

Handelingen 20 : 32 - 38

Handelingen 20
32
En nu, broeders, ik bevele u Gode, en den woorde Zijner genade, Die machtig is u op te bouwen, en u een erfdeel te geven onder al de geheiligden.
33
Ik heb niemands zilver, of goud, of kleding begeerd.
34
En gijzelve weet, dat deze handen tot mijn nooddruft, en dergenen, die met mij waren, gediend hebben.
35
Ik heb u in alles getoond, dat men, alzo arbeidende, de zwakken moet opnemen, en gedenken aan de woorden van den Heere Jezus, dat Hij gezegd heeft: Het is zaliger te geven, dan te ontvangen.
36
En als hij dit gezegd had, heeft hij nederknielende met hen allen gebeden.
37
En er werd een groot geween van hen allen; en zij, vallende om den hals van Paulus, kusten hem;
38
Zeer bedroefd zijnde, allermeest over het woord, dat hij gezegd had, dat zij zijn aangezicht niet meer zien zouden; en zij geleidden hem naar het schip.

Delen & Download

Download preek